Fris en licht penthouse met visgraatvloer

Roelfien Vos

Midden in de Randstad realiseerde Roelfien Vos een prachtige, geborgen plek voor de bewoners van een riant, nieuw penthouse in een oude stad. Voor iedere ruimte in het twee verdiepingen tellende penthouse, een visgraatvloer op de eerste, twee balkons en weids uitzicht over het water, maakte de interieurontwerpster dan ook een gedetailleerd plan, waarbij de frisse, lichte uitstraling de boventoon voert. Alvast een voorproefje: een visgraatvloer op de eerste verdieping.


Benedenverdieping

Visgraatvloet, Roelfien Vos, luxe uitstraling, The Art of Living

Alles in overleg

Het penthouse bestaat beneden uit een keuken, eetkamer, twee livings en een slaapkamer. Boven bevinden zich de masterbedroom, logeerkamer, twee badkamers, een wellness en sportruimte. Voor iedere ruimte maakte Roelfien een interieurontwerp dat ze in detail met de bewoners besprak: van indeling, ontwerp van de plafonds, maatwerkmeubilair, de verlichting en stoffering tot de meubels en de materiaalkeuze voor het meubelmaatwerk aan toe. Roelfien gebruikte rijke materialen zoals zijde voor gordijnen, een hoogpolig tapijt voor de tweede verdieping, een eiken visgraatvloer voor de eerste verdieping en een bijzonder keramisch materiaal voor het maatwerkmeubel dat de keuken van de eetkamer scheidt.


Bovenverdieping

Visgraatvloet, Roelfien Vos, luxe uitstraling, The Art of Living

Extra luxe uitstraling

Dat er veel tijd en aandacht is besteed aan de afwerking, zie je bijvoorbeeld aan de gebogen plinten in de hal. Deze bestaan bovendien uit drie trapsgewijze lagen, wat zorgt voor een extra luxe uitstraling. De iets vanaf de muur geplaatste imposante eikenhouten trap met bronzen balustrade, die beide verdiepingen verbindt, is een prachtig statement in het penthouse. Naast de trap hebben de bewoners de beschikking over een ruime lift, die ze rechtstreeks vanuit de ruime parkeergarage naar een van hun twee prachtige verdiepingen brengt. 

 

Editor: Media team

Datum: 09-02-2022

Tekst: Gebaseerd op een tekst van Sanne Bender geschreven voor Hardcoverboek 2022

Fotografie: Peter Baas